Dit artikel is met toestemming van de auteur overgenomen uit de Volkskrant van 1 december 2005

  Ronald Meijers is trainer/coach en lid van de executive board van Krauthammer International.
   
 

Wij lijden aan een obsessie voor ziekte, falen en gebrek.

Ons vermogen tot geluk is wel degelijk te verbeteren als we ons brein zouden beschouwen als een spier die moet worden getraind, zegt Ronald Meijers.
Het artikel van Suzanne Weusten dat je geluk moet hebben en dat het niet te leren is, heeft mij hogelijk verbaasd (het Betoog, Volkskrant 26 november). Uit empirisch onderzoek is duidelijk gebleken dat onze eigenschappen continu veranderen, in verschillende mate en met wisselende intensiteit. Verandering is het werkelijk duurzame. Het lijkt wel alsof Weusten zich niet wil openstellen voor de overweldigende hoeveelheid bewijsmateriaal voor het aanpassingsvermogen van de mens. Waarom doet deze psychologe zo haar best ons een illusie armer te maken? Natuurlijk heeft ze een positief en lovenswaardig motief. Helaas is het een maternalistisch, protectionistisch motief, dat mensen van hun groeimogelijkheden berooft in plaats van ze te stimuleren.
Weusten voelt mee met de wanhopigen die ze graag een - nieuwe - teleurstelling wil besparen. Er gaat veel mis, sommige mensen maken doelbewust misbruik van ons vertrouwen en dromen zijn verdomd vaak niets meer dan bedrog. Dan maar wat lager mikken en raak schieten, suggereert ze. Het probleem is dat wie hiervoor kiest nog maar zeer zelden krijgt wat hij ten diepste nog altijd wil; hij is opgehouden het te proberen uit angst weer te falen.
De kernvraag luidt: in welke mate zijn wij in staat zelf onze houding te kiezen? Niet iedereen kan dat even goed, daarin heeft Suzanne gelijk. Dus... het moede hoofd maar in de schoot geworpen of toch op zoek naar middelen om zelf tot dit selecte gezelschap te gaan behoren?
Dat laatste is inderdaad niet eenvoudig. Wie denkt dat het aanleren van een gelukzalige levenshouding een kwestie is van een paar leefregeltjes uit je hoofd leren tijdens een bezoekje aan de kapper verdient een uitbrander. Suzanne Weusten doet bekwaam haar plicht door ons daarop te wijzen en zo de damesbladen inclusief haar eigen oude Psychologie Magazine op de vingers te tikken.
Het tragische en ondermijnende vind ik dat hierdoor hoop de bodem in wordt geslagen zonder deugdelijke argumentatie en met voorbijgaan aan indrukwekkende hoeveelheden nieuw bewijsmateriaal over ons vermogen om ons aan te passen, zelfgestuurd, onder invloed van onze omgeving, of door de interactie tussen beide.
Ik zie het als mijn opdracht mensen van hun mogelijkheden te overtuigen én ze instrumenten aan te reiken om die te benutten. Met Adam Philips constateer ik dat wij lijden aan een obsessie voor ziekte, falen en gebrek. Wij analyseren ons suf als zich een probleem voordoet en gaan achteloos voorbij aan de keren dat het wél goed gaat. Terwijl veel in onze hedendaagse maatschappij - wonderbaarlijk genoeg? - gewoon wérkt.
Nog steeds is het zo dat de meeste huwelijken slagen, de meeste mensen niet worden beroofd, de meeste kinderen uitstekend onderwijs krijgen en de meeste treinen op tijd rijden. Onderzoek toont aan dat de meeste mensen het in hun eigen kleine kringetje prima naar hun zin hebben. Gevoelens van onvrede en onveiligheid ontstaan pas op meso- of macroniveau en zijn vaak 'onbestemd'. Niet gebaseerd op concrete ervaringen, maar wel op de angst voor negatieve ervaringen. Onze materiële groei is vele malen sneller gegaan dan onze geestelijke ontwikkeling. We moeten nog heel veel leren en dat besef maakt vaak onzeker.
Ik pleit ervoor gevoelens van onveiligheid en onvrede niet nodeloos te voeden. Wel waarschuwen en met de neus op de feiten drukken, maar ook hulp en perspectief bieden. Geen valse hoop, maar ook geen vals realisme. Het is goed dat er meer aandacht komt voor de vraag wat wél werkt en wat we daar van kunnen leren.
Desnoods in de vorm van een stappenplan. Suzanne Wensten heeft daar moeite mee. Als ze zich stoort aan de bedrieglijke suggestie van gemak, compleetheid en snelheid, geef ik haar gelijk. Maar met praktische tips is niets mis. Filosofen als Epicurus - die het beleven van genot als doel van het leven propageerde - en Aristoteles - die wijsheid, matigheid, moed en rechtvaardigheid als de kardinale deugden zag - deden ook in handige lijstjes met tips en trucs. Zonder ook maar een moment te suggereren dat beheersing daarvan makkelijk zou zijn. Lijstjes met de do's en de don'ts roepen weliswaar de associatie op van 'doen we effe', maar iedereen die daadwerkelijk met de gepresenteerde ideeën aan de slag gaat, weet wel beter.
Nieuw onderzoek naar neuroplasticiteit (het aanpassingsvermogen van ons brein) toont aan dat we door mentale training zelfs fysieke veranderingen tot stand kunnen brengen (zie bijvoorbeeld Jeffrey Schwartz). Vervolgens blijkt dat deze training bijvoorbeeld vijf jaar van gedisciplineerde oefening inhoudt.
Zie bijvoorbeeld het ongelooflijke concentratievermogen van monniken, die zelfs hun zenuwstelsel kunnen trainen om pijn te negeren. Als we ons brein zouden beschouwen als een spier en beheersing ervan zouden vergelijken met topsport, zouden we wel eens in de buurt kunnen komen van een realistisch beeld over de route die we moeten afleggen om ons geluksvermogen te verbeteren.
Maakbaarheid dus, maar wel met toewijding. Reken op afzien, vele mislukkingen en ook terugval en je maakt een kans. Veel in onze omgeving - waaronder deze krant - duwt ons terug in de status quo. Als we experimenteren met ons gedrag zullen ook onze dierbaren daar regelmatig afwijzend op reageren.
In elk geval in eerste instantie. Gewoon omdat ze gehecht zijn aan wie we altijd zijn geweest. Ook hier ligt weer een positief motief aan ten grondslag: blijf jij maar gewoon jezelf, we houden van je zoals je bent.
Mét Suzanne Weusten ben ik van mening dat het verstandig is op deze reacties, onze eigen teleurstelling, de tragiek van het mogelijke falen voorbereid te zijn. Anders dan Suzanne ben ik ervan overtuigd dat er heel veel mogelijk is als we bereid zijn onze koers vast te houden, ondanks al deze tegenwerking die in feite vaak goedbedoelde betutteling inhoudt.
Er is lef voor nodig om ons masker (persona = masker) onder de microscoop te leggen en - desnoods radicaal - te opereren als er elementen in zitten die ons geluk in de weg staan. Het zou journalisten passen als zij ons moed inpraten bij ons streven naar een betere wereld, in plaats van ons met achterhaalde waarheden terug te duwen in de status quo.